EEN PAAR SUGGESTIES VOOR TOEKOMSTIG SUCCES
In de aanloop naar de parlementsverkiezingen hebben zeven politieke partijen gepleit voor een speciale minister van Digitale Zaken. Daaronder ook de latere winnaar: D66. Vervolgens bleek dat diverse experts achter dit idee staan. In mijn oog sprong met name de heldere oproep die de Koninklijke Bibliotheek – samen met veel andere organisaties – aan informateur Buma heeft gedaan (https://www.kb.nl).. Helaas kwam het onderwerp als thema in de politieke campagnes niet aan de orde. Goed dat de discussie hierover via opiniestukken, krantencommentaren en brieven nu alsnog op gang komt! Want digitalisering speelt anno 2025 in vrijwel alle beleidsdossiers een belangrijke rol.
Veronderstel nu eens dat er voldoende politieke wil is en dat zo’n nieuw ministerie er werkelijk gaat komen. Dan gun je deze nieuwe bewindspersoon toch een goed begin? Wat zouden voorwaarden voor toekomstig succes kunnen zijn? Een lastige vraag die ik gelukkig kon bespreken in een kleine kring van bevriende relaties met Haagse ervaring. Drie suggesties kwamen uit de korte verkenning naar voren. Dit zijn ze, als begin van een antwoord.
ALLEREERST: FORMULEER EEN AMBITIEUZE LANGE TERMIJN DOELSTELLING
De opstellers van de genoemde ‘KB-brief’ laten in het midden of het zou moeten gaan over een minister van, of een minister voor Digitale Zaken. Meer algemeen valt op dat de meningen van de pleitbezorgers over naamgeving en opgaven uiteen lopen. Ik noteer onder meer: een ministerie voor Digitale Zaken, een ministerie voor Technologie en Innovatie, een bewindspersoon voor Media- en technologiebeleid, een staatssecretaris voor AI … Wat zou een geschikte spreekwoordelijke ‘vlag’ voor dit ministerie kunnen zijn? Dat hangt af van de lading die je kiest en de doelstelling die je formuleert.
In mijn optiek verdient zo’n nieuw ministerie van Digitale Zaken een helder mandaat, een bijhorende begroting en een eigen uitvoeringsorganisatie. Is dit te zwaar aangezet? Dat denk ik niet. Wat digitalisering betreft zijn de achterstanden, tekortkomingen en uitdagingen namelijk groot in aantal en omvang. Een kleine greep uit de berichtgeving illustreert de urgentie:
- Bij Justitie en Veiligheid kampt het Openbaar Ministerie met een falende ICT-infrastructuur. ‘De rechtsstaat is in het geding’, aldus de leiding.
- De Belastingdienst heeft al geruime tijd te maken met ernstige ICT-problemen die de dienstverlening belemmeren. Een groot probleem is de verouderde IT-infrastructuur.
- Kunstmatige Intelligentie heeft steeds meer invloed op de samenleving. Nederland moet volgens een team van AI-experts grip gaan krijgen op deze technologie. Want die wordt op afzienbare termijn bepalend voor onze economie, veiligheid en democratie. Een AI Deltaplan moet er komen.
- Al jaren hebben miljoenen landgenoten moeilijkheden om het tempo van de oprukkende digitalisering bij te houden. Volgens recent onderzoek zijn 3,8 miljoen mensen onvoldoende digitaal vaardig om informatie van de overheid te gebruiken. En structureel gefinancierd netwerk van hulporganisaties is er nog steeds niet.
Tegen deze achtergrond heeft het nieuwe ministerie een richtinggevende, ambitieuze lange termijn doelstelling nodig. Een korte aanzet: stel je ons land in 2040 voor en deze situatie is bereikt:
Nederland heeft digitale technologie het leven van miljoenen burgers praktisch verbeterd. Het ministerie van digitale zaken is erin geslaagd om via gerichte innovatieprogramma’s structurele verbeteringen door te voeren op het gebied van onderwijs, zorg, veiligheid, mobiliteit en milieu. En het wijdvertakte bibliotheeknetwerk helpt alle inwoners om deel te nemen in een digitale ruimte waarin publieke waarden centraal staan. In Europees verband hebben opeenvolgende ministers een voortrekkersrol vervuld bij de realisatie van digitale soevereiniteit in de EU. In hun kielzog zijn diverse clusters van private bedrijven en publieke organisaties succesvol mee voorop gegaan.
Tot zover ‘daar en dan’ (anders laat ik me teveel meeslepen door toekomstwensen). Over naar ‘hier en nu’ en de resterende twee suggesties.
SUCCESVOORWAARDEN: VOLDOENDE MIDDELEN EN DE JUISTE MENSEN
Zonder voldoende middelen en de juiste mensen kan een nieuw ministerie geen positieve veranderingen realiseren. Voor een goede start valt daarom te denken aan:
- de oprichting van een apart Digitaliseringsfonds en het positioneren van Digitale Zaken als een overheidsinvestering. Wat betreft het benodigde budget kan de minister als fondsbeheerder in de eerste plaats geld lenen buiten de gewone begroting om. ‘Ja, alleen loopt de staatsschuld dan wel op’, zullen sommige lezers nu denken. Klopt, maar daarvoor bestaat volgens econoom en journalist Mathijs Bouman genoeg ruimte. Hij kent geen land met een lagere nettostaatsschuld dan Nederland ( FD 27 november). Naast lenen kan een nieuw kabinet een deel van de onderbesteding bij Defensie overhevelen naar het nieuwe ministerie, bijvoorbeeld voor het versterken van cyberveiligheid en weerbaarheid van mede-overheden. Zo kan al vrij snel een paar miljard euro beschikbaar komen voor de eerste periode.
- Maak één Rijksdienst Digitale Zaken. Op die manier bundel je de kracht en ervaring van de deskundige mensen die al in overheidsdienst werkzaam zijn. Daarnaast vergroot je de aantrekkingskracht van het Rijk als werkgever op de krappe arbeidsmarkt.
Blijft ten slotte de vraag: wie wordt de hoofdrolspeler die met deze portefeuille aan de slag gaat? Daarvoor moeten we vanaf de zijlijn geduldig de uitkomst van de kabinetsformatie afwachten, in de wetenschap dat er in ons land voldoende geschikte kandidaten actief zijn op dit belangrijke terrein.